Wat als de clown niet op jouw verjaardag komt?

Laatst had Seth Godin een blog met daarin de volgende vraag:

Stel, je hebt een clown gehuurd voor je verjaardag, maar de clown komt niet opdagen. Hoe lang ga je dan zitten mokken? Wanneer focus je weer op de kamer vol mensen die een fijne tijd hebben en geen weet hebben van een niet-aanwezige clown?

In het begin van ons Vrije Denker-schap hebben we dat ook wel meegemaakt. Dat we een presentatie gaven en dat we dan vanuit onze ooghoeken zagen dat iemand de zaal verliet. Daar kun je dan behoorlijk mee bezig zijn. Doen we iets niet goed? Hebben we iets beledigends gezegd? Maar het gaat niet om jou – het gaat om de ander. Het enige dat wij hoeven te doen is ons weer richten op al die enthousiaste mensen die met volle aandacht naar je luisteren.

Het heeft geen zin om te focussen op wat er misgaat; je blijft dan steken en je komt niet verder. Zeker nu we na middernacht zitten, moet je juist steeds nieuwe dingen proberen, die mis kunnen gaan. Je moet stappen blijven nemen, om na elke stap weer te onderzoeken of het goed gaat (doorgaan) of fout gaat (iets nieuws proberen). Na middernacht is het een aaneenschakeling van kleine stapjes, met heel waarschijnlijk momenten van awkwardness. Blijf daar niet in hangen, maar ga op zoek naar die flow. Vind medestanders die je daarbij willen helpen. Organiseer op energie!

Vertrouwen kun je niet faken

Kennen jullie de term ‘functioneel boos worden’? Als je niet echt boos bent, maar merkt dat het in een bepaalde situatie handig is om even boos te doen? Wij hebben gemerkt dat als mensen proberen om ‘functioneel te vertrouwen’, het niet werkt. Hoe kan dat toch, dat je de ene gemoedstoestand makkelijk kunt inzetten, terwijl je de andere niet kunt faken?

Vertrouwen is een overtuiging. Het is een doel, en geen middel. Je kunt vertrouwen niet faken, omdat mensen dat gelijk merken. Het is iets dat je stapje voor stapje opbouwt, waarbij elke stap onder een vergrootglas wordt gelegd.

Vertrouwen is voor ons heel wezenlijk. Bij elke opdracht willen we zowel zelf als vanuit de opdrachtgever vertrouwen als basis hebben. Dat staat zelfs expliciet in de opdracht, we moeten beiden een vinkje kunnen zetten bij het woord ‘vertrouwen’. Maar zelfs als dat vertrouwen, tussen ons en de opdrachtgever, er is, merken we dat het vertrouwen binnen het bedrijf vaak nog wel wat ontwikkeling kan gebruiken. Zoals we al in een eerdere blog schreven: “Het lijkt zo logisch: als er vertrouwen is, gaat de samenwerking sneller en zijn de kosten lager. Toch werken de meeste bedrijven precies andersom, en investeren zij veel tijd en geld in het vooraf dichttimmeren van alles wat fout kan gaan. Wantrouwen heerst.”

Een bedrijf opzetten vanuit zuiver vertrouwen is daarom ontzettend moeilijk: medewerkers zullen argwanend zijn, misschien wel wantrouwend. Maar dat het wel mogelijk is bewijst Allard Droste van Aldowa. Tien jaar geleden is hij in dit bestaande bedrijf gestapt, waar medewerkers niet wilden, niet konden en niet deden. Met enthousiasme, hoop en vooral vertrouwen heeft hij met het team een grote cultuuromslag gerealiseerd van sterk hiërarchisch naar samensturing. Geen medewerkers maar mede-ondernemers. Hij vertelde ons hoe vertrouwen uit hele kleine dingen kan bestaan. Hoe die dingen vertrouwen kunnen maken maar ook breken. Hoe hij stapje voor stapje dat vertrouwen heeft op moeten bouwen, want ook al werkte hij vanuit vertrouwen, zijn omgeving was er nog niet aan toe.

En zijn belangrijkste boodschap, die wij volledig onderschrijven, is: oprecht vertrouwen is niet te faken, en maakt dat je altijd een stapje vooruit zet zonder terug te vallen in je oude patroon. Met vertrouwen werk je allemaal vanuit dezelfde bedoeling.

Actions speak louder than words

Vorig jaar gaven wij een inspiratieworkshop en na afloop vroegen wij aan de aanwezigen wie zich zo geïnspireerd voelde, dat hij of zij er op korte termijn iets mee zou doen. Maar liefst 90 procent van het publiek gaf expliciet aan een ‘stap 1’ te willen zetten – een geweldig resultaat.

Kort geleden, en dus een jaar later, waren wij weer te gast bij deze organisatie en natuurlijk vroegen wij wie daadwerkelijk een stap had gezet. Jullie raden het al; dat waren er bedroevend weinig. Dit verbaasde ons niet. Wij zien dat veel mensen geïnspireerd de zaal verlaten en dat het voor 90 procent daar bij blijft. 9 procent zet de inspiratie om in een intentie(!) en 1 procent daarvan ook in daadwerkelijk nieuw gedrag.

Het omzetten van intentie in gedrag is een stuk ingewikkelder dan het in eerste instantie lijkt en de verklaring zit in het feit dat maar liefst 90 procent van ons gedrag door ons onbewuste brein geregeerd wordt.  We kunnen ons prima bewust voornemen een stap te nemen in de richting van de bedoeling, maar de dagelijkse praktijk en ons onderbewuste stelsel van gewoontes en gevoelens van angst, weerzin en gemak houden ons daar vanaf.

Ons onbewuste brein heeft maar twee doelen: veilig voelen en prettig voelen. Een evolutionair en weerbarstig gegeven en wij vragen de opdrachtgever daarom vaak voorafgaand aan de sessie of zij de ‘impuls’ die wij afgeven ook daarna nog begeleiden of voortzetten (en indien niet of wij daar eventueel in kunnen assisteren). En soms gebeurt dat. Vaker niet.

Wij zetten ons in voor die 1 procent van doeners met de hoop dat de 9 procent van de collega’s van die 1 procent alsnog wordt aangemoedigd om iets met hun intentie(s) te gaan doen. En natuurlijk is het waardevol dat 90 procent geïnspireerd raakt, maar dat vuurtje verwarmd een tijdje, maar nooit lang genoeg.

Vraag van ons aan jou: behoor jij tot die 1 procent die werkelijk en bewust iets doet en een risico durft te nemen? Of behoor jij tot die 9 procent die een sterke intentie heeft om iets te doen, maar het nog net niet omzet in gedrag? Of behoor jij tot die 90 procent die geniet van een verhaal over verandering en het vuurtje langzaam laat doven door de dagelijkse realiteit?

Mijn kop zit vol….

Zelfs wij als Vrije Denkers hebben soms last van gebrek aan Vrije Ruimte in ons hoofd. Enige tijd geleden hebben we een blog geschreven over leerlingen wiens hoofd vol zit door het vele huiswerk, maar eigenlijk heeft iedereen daar wel eens last van. Dat je naar de keuken loopt en denkt: “Wat wilde ik hier ook al weer doen”.

Natuurlijk is het helemaal niet erg om het af en toe nèt even te druk te hebben. Sommige mensen claimen zelfs die druk nodig te hebben om optimaal te kunnen presteren. Misschien is dat waar, maar we weten in elk geval zeker dat het niet gunstig is om lange tijd achter elkaar te veel aan je hoofd te hebben. Je blik vernauwt, je kunt niet ‘breed’ meer kijken en ziet dus geen andere, nieuwe of betere mogelijkheden meer. Anders gezegd: het gaat ten koste van je creativiteit.

Wie langere tijd een ‘vol hoofd’ heeft, beperkt zichzelf – en daarmee de ruimte om vrij te denken. Je zou kunnen zeggen dat je werkgeheugen vol zit, en we weten allemaal dat computers daar enorm traag van worden. De oplossing is dan ook om wat tabbladen te sluiten die je op dat moment niet echt nodig hebt. Dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan trouwens, en dat geldt net zo goed voor ons. Vaak sluit je onbewust tabbladen (“factuur versturen” bijvoorbeeld) die best belangrijk zijn. Het helpt dan om even de computer helemaal uit te zetten (letterlijk en figuurlijk) en even tijd voor jezelf te nemen.

In een vol hoofd is geen plek voor creativiteit. Ga verdwalen, laat structuren los en ga NU dingen doen die je leuk vindt. Zo ontstaat er weer ruimte in je hoofd!

Burn-out is een keuze

Onlangs hebben wij meegedaan aan een management-game, waarbij alle deelnemers bij een fictief bedrijf werkten. De groep was onderverdeeld in kleine top, middenlaag, grote onderlaag en enkele klanten, en elke werkdag bestond uit 12 minuten. Het bedrijf was zo veel mogelijk opgezet als een echt bedrijf, met regels, teams en een opdracht. Hoewel fictief, was het opvallend hoe snel de structuren uit echte organisaties ook hier niet alleen  zichtbaar, maar ook vooral voelbaar waren… en hoezeer mensen zich hier bewust in lieten ‘vangen’.

Als Vrije Denkers hebben wij op ‘dag 2’ ontslag uit onze toegewezen rol in het bedrijf genomen, zijn met klanten gaan praten en ook in dit spel voor onszelf begonnen. Tot ongeloof, soms jaloezie en een enkele ergernis van de andere spelers, die het gevoel hadden niet weg te kunnen of te mogen. Na vier ‘dagen’ waren er nog een paar andere avonturiers die ontslag namen en bij ons in dienst wilden; de rest bleef zitten, compleet met frustraties, niet-werkende regels en veel, heel veel intern overleg.

Om een verandering aan te durven, moet je heel goed weten wat je niet wilt én weten wat je wel wilt. Het eerste weten mensen vaak wel – deze functie, dit bedrijf, deze taken – maar ze luisteren er meestal niet naar of durven geen actie te ondernemen. Het tweede – weten wat je wel wilt – is (helaas) voor de meeste mensen nog veel moeilijker om te bepalen. Waar word ik blij van? Wat past bij mij? Wat zijn mijn talenten, ben ik goed in, doe ik graag? Kortom: waar wil ik mijn tijd het liefst aan besteden?

Je eigen ‘drive én lef’ staan voorop bij het doen van werk dat het beste bij je past. Is wat je doet en wat je wilt te veel in onbalans, dan ligt zoiets als een burn-out op de loer. Mensen voelen veelal wel aan dat de balans niet klopt, maar luisteren slecht naar die signalen, of bedenken rationeel argumenten waarom ‘het nou eenmaal zo hoort’ en dat de ‘hypotheek toch betaald moet worden’. Maar als je echt weet wat je wilt en je durft ook stap één te zetten in die richting, dan is de kans dat je energie stapelt een stuk groter en de kans op ‘burn-out’ neemt drastisch af.

P.S. Overigens is het ook prima mogelijk een burn-out te ontwikkelen op iets waar je juist heel erg goed in bent of blij van wordt maar onvoldoende rust neemt en je activiteiten onvoldoende gezond doseert. De beste remedie op spanning blijft ontspanning.

Doe wat je leuk vindt

De term “flow” is bij iedereen wel bekend, al dan niet vanuit persoonlijke ervaring. Het moment waarop je zo geconcentreerd iets aan het doen bent dat je alle besef van tijd en plaats kwijtraakt. En bijna altijd levert het een fantastisch resultaat op. Flow is dus staat van zijn die je zo veel mogelijk zou willen ervaren. Maar hoe dan?

Mihaly Csikszentmihalyi heeft hier meerdere boeken over geschreven en ook onderzocht onder welke voorwaarden je flow kunt bereiken. Dat heeft te maken met precies de juiste verhouding tussen vaardigheden en uitdaging: te veel uitdaging geeft stress, te veel vaardigheden geeft verveling. Tussen het gebied van spanning en routine zit flow: je krijgt de juiste uitdaging voor jouw specifieke vaardigheden.

Heel interessant vinden wij. Als je flow ervaart haal je het beste uit jezelf. Jouw organisatie haalt dan ook het beste uit jou als medewerker. Bovendien is aangetoond dat je door voldoende uitdaging gezonder en gelukkiger bent. We riepen eerder al op om je Cognitive Footprint te verlagen. Als je daar toch mee aan de slag gaat, waarom dan niet op een manier dat je flow ervaart? De voordelen van flow geven in ieder geval genoeg redenen voor een bedrijf om die uitdagingen aan te reiken, het is aan jou om er ook iets mee te doen.

En als je ze niet krijgt van je organisatie? Dan weet je al wat wij als Vrije Denkers zeggen: laat je niet beperken door functieomschrijvingen, regels of incompetente managers, maar creëer je eigen functie en doe wat je leuk vindt – met alle uitdagingen die je nodig hebt om regelmatig flow te ervaren!

Ontwerp niet voor gemiddelden, maar voor uitersten.

In de vroege 18e eeuw hield de Belgische astronoom Adolphe Quetelet zich sterk bezig met ‘gemiddelden’. Hij schreef er zelfs een boek over: The Average Man. Niet iedereen is bekend met de Quetelet index, maar de BMI-index die daaruit voortkwam is bij meer mensen bekend. Quetelet verhief de perfect gemiddelde mens tot een soort supermens, bijna godsbeeld.

In 1982 zat ik in militaire dienst en werd ik op basis van mijn lichaamslengte uitverkoren om tankchauffeur te worden. De cockpit van een tank bleek gemaakt op mensen met precies die lengte: groter, dan paste je niet en kleiner, dan kon je nergens bij.

Ik herinnerde mij dit verhaal toen ik las over Gilbert S. Daniels, die in de jaren ‘40 ‘50 van de vorige eeuw onderzoek deed naar de oorzaak van het steeds vaker neerstorten van gevechtsvliegtuigen van de Amerikaanse luchtmacht. De standaard cockpit van dat gevechtsvliegtuig, ontworpen in 1926, was gemaakt op een ‘gemiddelde’ gevechtspiloot. Daniels deed onderzoek bij 4063 gevechtspiloten en de schokkende constatering was dat geen enkele piloot aan dat gemiddelde voldeed. Echt niemand paste dus goed, waardoor cruciale instrumenten op cruciale momenten niet bediend konden worden. Dit leidde tot een nieuwe ontwerpfilosofie bij de luchtmacht: ontwerp niet voor gemiddelden, maar voor uitersten.

Hoe mooi was het geweest als we die filosofie nog steeds in de praktijk brachten. Loop een willekeurig klaslokaal binnen en zie al die eenvormige stoeltjes, ondanks de verschillende leerlingen. Woon een les bij en zie dat alle leerlingen, ongeacht cognitief vermogen, snelheid en leerstijl, dezelfde les krijgen. Lees een citotoets en besef dat ons schoolsysteem nog grotendeels ingericht is op gemiddelden. Niet op uitersten.

Loop dan een willekeurig bedrijf binnen en woon een functioneringsgesprek bij. Mij werd tijdens dergelijke gesprekken steeds weer gezegd dat ik mij moest richten op het verbeteren van die vaardigheid die onder het gemiddelde lag en dat wat ik goed kon, maar wat moest gaan temperen! Wist ik toen maar wat ik nu weet.

Pas toen wij voor onszelf begonnen, hebben wij ons onder de gemiddeldheidterreur vandaan weten te worstelen en doen wij waar wij goed in zijn en vragen wij anderen te doen waar zij goed in zijn. Hoe simpel kan het zijn.

O ja, en weet je hoe de gemiddelde mens eruit ziet als je alle kenmerken zou optellen en weer delen. Die gemiddelde mens heeft een gele huid, kroeshaar, blauwe ogen, is 1,38 m lang (kinderen zijn immers ook mensen), is onverstaanbaar en heeft één borst, één bal en twee handicaps. Oftewel, de gemiddelde mens? Vergeet het maar, die bestaat niet.

Jezelf zijn is zo makkelijk nog niet…

In de vorige blog hadden we het al over hoe belangrijk het is om jezelf te zijn. Om niet per sé aardig gevonden te willen worden, om niet per sé in een hokje te passen. Dat is natuurlijk prachtig om te horen en niemand is daar echt op tegen. Maar om het ook te doén…? Dat is een ander verhaal. Want het is heel moeilijk, jezelf zijn.

We denken namelijk al snel dat als we ons aanpassen, dat mensen ons aardig vinden, en dat als mensen ons aardig vinden, er al snel verbinding volgt. Banks Benitez (Awkward – video) is echter een andere mening toegedaan, en wij zijn het met hem eens. Wie zich aanpast, geeft in onze ogen de mogelijkheid tot verbinding juist op. Hoe meer je jezelf bent, hoe kwetsbaarder je jezelf opstelt. In de woorden van Benitez:

“Awkwardness is when you show your true self,
but you don’t mean to.”

Jezelf zijn kan leiden tot ongemakkelijke situaties, maar niet jezelf zijn heeft op termijn nog veel ongemakkelijkere gevolgen. Het gevoel van ongemak dat voortkomt uit juist niét aanpassen, is zo menselijk, dat het juist verbinding tot gevolg heeft. Mensen herkennen het gevoel en vanuit die herkenning komt verbinding. Het omgekeerde is ook waar: wie zich achter een masker verschuilt, wie niet zichzelf is, zal zich niet snel echt verbinden met een ander.

Dus omarm het ongemak en wees jezelf!

Ideeënseks

Vraag je je weleens af waar ideeën vandaan komen? Poppen ze zo maar in jouw hoofd op? Zijn het echt JOUW ideeën? Of laat je je bewust en onbewust inspireren door anderen?

“Als ik verder heb gezien dan anderen, kwam dat omdat ik op de schouders van reuzen stond” zei Isaac Newton ooit. Hij bedoelde daarmee dat zijn theorieën voortkwamen uit ideeën van denkers vóór hem. En als je de kracht van die gedachte inziet, is het ook heel logisch. Je komt pas echt tot Vrij Denken als je je ideeën en gedachten kunt uitwisselen en vermengen met anderen. Of als je ideeën seks laat hebben zoals Matt Ridley dat noemt.

Ook hier is de evolutie met haar natuurlijke selectie weer een mooi voorbeeld. Soorten die willen voortbestaan zoeken naar mogelijkheden om hun genen door te geven. Dit is hetzelfde principe als ideeënseks: pas als een idee seks kan hebben met andere ideeën, kunnen ze voortbestaan en zich ontwikkelen.

Denk bijvoorbeeld aan de stenen handbijl die een miljoen jaar heeft bestaan (30.000 generaties) voordat er een alternatief kwam, en vergelijk dit met een computermuis, die binnen één generatie ontstaan is – door verschillende ideeën met elkaar te combineren. Vorm (plastic), inhoud (elektronica) en voeding (elektriciteit) bestaan allemaal weer uit honderden aparte ideeën die daaraan vooraf gingen.

Juist doordat we in deze tijd veel sneller informatie kunnen uitwisselen, kunnen we ook ideeën sneller stapelen en slimmer met elkaar vermengen. En zo kunnen ideeën niet alleen voortbestaan, maar zich ook ontwikkelen en steeds beter worden. Denk bijvoorbeeld aan het veelgebruikte Creative Commons: een manier om vrij ideeën van anderen te gebruiken om je eigen ideeën vorm te geven. Hoe anders dan het principe van een patent, waarbij je je idee angstvallig vasthoudt, en ziet dat het soms pas een succes wordt als het patent verlopen is en het idee de vrijheid heeft zich te verspreiden en te vermengen.

Dus bouw vooral voort op andermans ideeën, laat je ideeën seks hebben met elkaar, baar iets nieuws en durf een SOA op te lopen! Waarbij SOA uiteraard staat voor Seksueel Overdraagbare Aanvulling.

Illustratie-basis: Cosmopolitan.com

Pensioenvrij leven begint vandaag!

In onze vorige blog hebben we verteld over pensioenvrij leven. Dat is voor ons meer dan nu doen wat je leuk vindt. Het betekent in onze ogen twee dingen: je bent nu al een beetje met pensioen óf je hoeft nooit met pensioen. Zo zijn wij ooit begonnen: met kleine stapjes steeds meer dingen doen die we leuk vinden, zodat werken niet als werken voelt, en we een pensioenvrij leven leiden.

Daarnaast betekent het voor ons ook dat je je meer richt op het hier en nu in plaats van op het daar en later. Niet “straks als ik met pensioen ben”, maar nu al genieten. Niet wachten op de ideale omstandigheden, maar nu al keuzes maken. Niet “als….dan…” maar stappen nemen en in beweging blijven.

De zorgeloosheid die de Zuid-Europese landen kenmerkt, is ook voor ons nuchtere Nederlanders een mooi voorbeeld. Zoals we met onze blog over stap 1 hebben uitgelegd, is de toekomst niet te voorspellen, dus waarom zou je je daar druk om maken? Mañana… Het komt morgen wel. Druk maken om daar en later kan het beste als het daar en later is: morgen dus. Natuurlijk heb je verantwoordelijkheden, maar laat ze je niet weerhouden om nu in kleine stapjes te gaan doen wat je leuk vindt, en zo elke dag al een beetje met pensioen te zijn. Dan hoef je als je 68 bent misschien helemaal niet meer “met pensioen” om “te doen wat je leuk vindt”. Dan heb je immers al een pensioenvrij leven.

Pensioenvrij leven* is een keuze

Als je 5 jaar oud bent, ben je op je creatiefst. Op je 8e is je creativiteit al gehalveerd en op je 44e heb je een staat van terminale serieusheid bereikt. Daarna komt je creativiteit in een soort flatline tot aan je pensioen en pas dan zie je de creativiteit weer toenemen.

In al onze workshops vragen we mensen waarom zij denken dat dit zo is, en altijd komt wel de volgende reden naar voren: “Omdat je dan gaat doen wat je leuk vindt.” Auw. Het kan toch niet zo zijn dat wij Nederlanders nu massaal dingen doen die we niet leuk vinden, en wachten tot ons 67e, 68e of nog later, om dan wel dingen te gaan doen die wel leuk vinden? Waarom? Waarom zou je wachten en niet nu al leuke dingen gaan doen?

Een paar dagen geleden kwam na onze workshop een vrouw naar ons toe en zei: “Mooi verhaal hoor, hoe jullie nu doen wat jullie leuk vinden. Maar ik kan dat niet. Ik heb een kind. Een hypotheek. Ik ben alleenstaande moeder. Ik heb te veel verantwoordelijkheid. Voor mij is dat niet weggelegd: ik moet dit werk wel blijven doen.”

Dit is maar één van de vele excuses die we horen. Als we dan doorvragen wat mensen echt zouden willen, dan zijn het dingen als “meer reizen”, “voor mezelf beginnen” of “singer/ songwriter worden”. Dat zijn inderdaad grote stappen, die je echter ook goed in kleine stapjes kunt opdelen. Doe iets meer van wat je leuk vindt, elke dag! Stap uit je comfortzone en durf keuzes te maken. Want zonder keuzes maken lukt het in elk geval niet. Zoek niet naar excuses, maar naar kansen. Neem stap 1, evalueer en neem stap 1. We verdienen het allemaal om nu al pensioenvrij te leven!


*Pensioenvrij leven is oorspronkelijk een pleidooi van Jef Staes
*
* De Creativiteitsindex : Professor Paul Louis Iske