Als je je niet schaamt voor de eerste versie…

Als je je niet schaamt voor de eerste versie…

Stel je hebt een idee om iets te doen, je weet nog niet of het een goed idee is, of het kans van slagen heeft, of het bijdraagt aan de bedoeling, maar het lijkt een goed idee.

Wat voelt het dan goed om:

  1. Alles eerst goed op een rijtje te zetten.
  2. De voors en tegens te bedenken.
  3. Te bedenken wat anderen er van vinden.
  4. Risico’s in kaart te brengen
  5. Te bedenken hoe je die risico’s zoveel mogelijk kan beperken.
  6. Een plan te maken.
  7. Te ‘vergaderen’ over het plan
  8. Weer bij 1 te beginnen (want het kan altijd nog iets beter/anders/mooier)

Hoe vaak doorloop je deze stappen voor je werkelijk iets doet?

Seth Godin heeft ons de uitspraak gegeven :

“Als je je niet schaamt voor de eerste versie van je product heb je het te laat gelanceerd”

Eigenlijk geldt dit voor alle dingen die we doen: als het ‘veilig’ voelt om over te stappen van denken naar doen heb je te lang gewacht.

Hoeveel stappen kun jij overslaan om een eerste ervaring op te doen, een Stap 1 te zetten?
Hoe zorg je ervoor dat je leert van de ervaring die je hebt opgedaan?
Hoe zet je die ervaring om in een nieuwe Stap 1?

En vooral, wat ga je doen met de tijd die je dan over hebt?

lees ook: Onaffe ideeën sneller delen

Voor mij geen stippen meer aan de horizon

Voor mij geen stippen meer aan de horizon

Mijn naam is Gert van Beek en ik werk sinds een jaar als risk & compliance manager bij het Kadaster. Hiervoor heb ik bij Vitens gewerkt, waar ik verantwoordelijk was voor onder andere de strategische herijking. Toen heb ik voor het eerst kennis gemaakt met de Vrije Denkers: ze hadden voor onze organisatie een filmpje gemaakt en ik was daar behoorlijk van onder de indruk, net als de meeste collega’s trouwens. Dus toen ik bedacht om hen te vragen de eerste sessie van de strategische herijking te openen, hoopte ik dat het net zoveel indruk zou maken. En dat bleek ook!

Tijdens de sessie hebben we eerst het filmpje gekeken en toen hebben Arthur en Patrick de workshop ‘Doen is de beste manier van denken’ gegeven, voor zo’n 60 mensen. Het bleek een eyeopener. Onze organisatie was tot dan toe ingericht op het hebben van een langetermijnvisie en een roadmap met stappenplan. De Vrije Denkers hebben ons het belang laten zien van een bedoeling, een richting, met steeds kleine stapjes. Na stap 1 komt stap 1. En dat hebben we verwerkt in de strategische herijking.

Vorig jaar ben ik in dienst gekomen bij het Kadaster. Het is een echte overheidsorganisatie, net als Vitens vooral gericht op businessplannen en stappenplannen. Ik ben hier vooral verantwoordelijk voor het risicomanagement en zit in deze rol ook in het MT als hoofd van mijn afdeling. Daar heb ik voorgesteld om de Vrije Denkers te vragen om ons te helpen met dezelfde workshop als vijf jaar daarvoor. Ook deze keer maakten de heren grote indruk. Na de workshop gingen we elk met onze afdeling apart zitten om te bepalen welke eerste stap we konden zetten in de richting van onze bedoeling. Dat heb ik met mijn team heel concreet weten te maken.

De eerste keer dat ik ze zag was ik vooral onder de indruk van het loslaten van de stip op de horizon en het werken vanuit een bedoeling. Deze tweede keer raakte mij vooral de kracht van het klein maken, de eerste stap en het belang van doén. Tijdens de workshop merkte ik de energie die de Vrije Denkers brachten en waar eigenlijk alle medewerkers, van directie tot aan uitvoerende mensen, iets mee kunnen. Doordat zij voortdurend iedereen betrekken bij hun presentatie – het heet niet voor niets een WORKshop; we moeten aan de slag! – zetten ze alle deelnemers in de actieve stand. Iedereen kan iets met de boodschap van de Vrije Denkers. Wat ik geleerd heb tijdens mijn werk bij Vitens – geen stip aan de horizon en dikke businessplannen – pas ik ook toe in mijn functie bij het Kadaster. Ik merk dat ik bijna onbewust de filosofie van de Vrije Denkers uitdraag in mijn werk: werk vanuit de bedoeling, na stap 1 komt stap 1 en doen is de beste manier van denken. En vooral: maak het klein, die eerste stap. Dan kom je vanzelf in de actie.

Alleen een bosje bloemen als bedankje

Alleen een bosje bloemen als bedankje

Je zal maar 49 jaar voor dezelfde organisatie aan het bed gewerkt hebben en bij een leeftijd van ruim 67 jaar met pensioen moeten met alleen een bosje bloemen als waardering…

In 2018 verbaasde ik me over de reacties op mensen die ontslag namen zonder dat ze al een nieuwe baan op het oog hadden. De blog die ik hier over schreef “Maar je hebt helemaal nog geen nieuwe baan!” is nog steeds één van de best gelezen blogs. Inmiddels zijn we een een aantal jaar verder wordt er zelfs gesproken over de “Great Resignation”: een situatie waarin een steeds groter percentage mensen wereldwijd zijn/haar baan opzegt omdat ze niet blij zijn in hun huidige baan.

Dat kan natuurlijk allerlei oorzaken hebben. Ik hoop dat het vooral te maken heeft met het feit dat we steeds meer gaan nadenken over wat nu echt van waarde is, voor onszelf en voor onze omgeving. Dat je op zoek bent naar jouw talenten en hoe je die op een plezierige manier kan en wil inzetten voor jouw omgeving. Ik hoop ook dat als dat plezier weg is je daar ook wat aan durft te doen. Natuurlijk hoeft dat niet meteen te betekenen dat je meteen ontslag neemt. Er over praten met je omgeving is al een hele mooie stap 1.

Maar wat nou als je jarenlang het werk doet dat je echt leuk vindt, van enorme waarde bent voor je omgeving maar moet stoppen vanwege je leeftijd, de regels, de CAO? Wat als je eigenlijk niet met pensioen wil vanwege de mensen met wie je samenwerkt, de cliënten die je verzorgt, de mooie contacten die je hebt. Wat als je fysiek nog prima in staat bent om ook na je pensioen nog een aantal nachten een dienst te draaien?

Dan verdien je een werkgever die dit herkent, waardeert en beloont. Die samen met jou onderzoekt wat er wel nog kan. Die zich realiseert dat er iets veranderd is de afgelopen periode en zich daaraan aanpast. Kortom je verdient een werkgever die de waardering voor al die jaren niet alleen uitdrukt in een bosje bloemen en een beschaamd “bedankt” van je huidige teammanager maar dat op zoveel mogelijk andere manieren laat zien!

Stap 1 : Beginnen met schrijven

Stap 1 : Beginnen met schrijven

Mijn naam is Ingrid Keestra. Enkele jaren terug, het was denk ik begin 2017, was ik werkloos geraakt en kwam ik in aanraking met De Broekriem (tegenwoordig JobOn). Dit is een organisatie voor wat oudere werkzoekenden met minimaal een hbo-opleiding, die evenementen en activiteiten organiseerden om de tijd zonder werk te vullen met zinnige bezigheden. Deze activiteiten werden georganiseerd door de mensen zelf, in de vorm van een functie als eventmanager. Dat betekende dat je 1x per maand iets organiseerde waar geïnteresseerden aan deel konden nemen. Je moest alles helemaal zelf regelen, dus het was erg goed voor je ervaring, je netwerk, noem maar op. Ik werd al snel zelf ook eventmanager en mocht daardoor ook naar een speciale bijeenkomst voor alle eventmanagers in Nederland, zo’n 75 man. Daar nam ik deel aan de workshop van de Vrije Denkers, en dat heeft heel veel invloed gehad.

Maar eerst iets anders: ik zorgde in die tijd voor mijn moeder die Alzheimer had. Dat deed ik al heel lang en hoewel het echt heel zwaar was, zag ik toch ook mooie dingen. Ik volgde trainingen over hoe ik contact kon maken met mijn moeder, ook al herkende ze mij niet meer, en hoe we samen toch nog mooie momenten konden beleven. Ik zocht online en in boeken naar positieve en bruikbare tips van mensen die hetzelfde meemaakten, maar kon alleen maar technische verhalen vinden, of ervaringen. Dus besloot ik te gaan bloggen, heel persoonlijk maar met de nadruk op het positieve. Daar kreeg ik hele fijne reacties op en toen besefte ik ook: ik kan mensen in dezelfde situatie als ik helpen met mijn ervaringen. Stiekem ontstond toen al het idee om hier een boek over te schrijven, maar ik werd tegengehouden door alle beren op de weg: hoe vind ik een uitgever, hoe breng ik mijn boek onder de aandacht, wat nou als niemand het wil lezen of als ze het een slecht boek vinden? 

Totdat ik bij de Vrije Denkers hoorde over stap 1. Zij zeggen: na stap 1 komt stap 1. Dat betekent dat ik mij helemaal nog niet druk hoefde te maken over wat er ná mijn boek komt; ik kan al gewoon beginnen met schrijven. Dát is stap 1 voor mij. En daarna kon ik evalueren en eventueel aanpassen en toewerken naar de volgende stap 1. Ook hun uitleg van ‘na middernacht’ stond me aan: dat het helemaal geen zin heeft om een planning te maken, omdat het heden veel sneller verandert dan je de toekomst kan plannen. Dat was zo’n opluchting! Dus op de terugweg naar huis zat ik te wachten op mijn overstap op station Arnhem en ik besloot op dat moment: ik ga het gewoon doen!

Dat besluit heeft grote gevolgen gehad. Nu 3 jaar geleden is mijn boek ‘Mantelzorger der liefde’ verschenen en tijdens het schrijven van de laatste pagina’s vond ik ook weer een baan. Na publicatie kreeg ik heel veel vragen voor lezingen en workshops, en ook om een blog te schrijven voor Stichting Mantelzorgelijk. Die blog, dat is ook leuk om te vertellen, bestond uit elke maand een letter van het alfabet, uitgewerkt in een verhaal over mantelzorg. Ook hier staat het positieve centraal. Die blogs heb ik recent gebundeld en zo is mijn tweede boek verschenen: Het Mantelzorger Alfabet. Ik had het nooit kunnen denken dat het zo zou lopen. En dankzij de Vrije Denkers heb ik toch mooi die eerste stap gezet!

Hybride werken vraagt om Hybride werkers!

Hybride werken vraagt om Hybride werkers!

We zijn, nu er steeds meer mag, op zoek naar hoe we het beste kunnen werken: thuis, op kantoor of een hybride vorm hiervan. De focus ligt dan al snel op de techniek en de faciliteiten om dit hybride werken vorm te geven, maar de belangrijkste factor blijft toch echt de mens: de hybride werker

Uit bepaalde onderzoeken blijkt dat maar liefst 70% afwisseling wil tussen werken thuis en op kantoor. Maar hoe gaan we dat inrichten met elkaar? Iedereen vaste dagen, of juist flexibiliteit vragen aan elkaar, of alleen tijdens vergaderingen of juist alleen voor ontmoetingen? Daar worden al flink wat experimenten mee gedaan met mooie inzichten.

Deze vragen houden de bedrijven flink bezig, maar vergeten we niet iets: hoe maken we van onze medewerkers hybride werkers? Voor Corona waren we (vooral managers overigens) ervan overtuigd: bepaalde functiegroepen/mensen kunnen niet goed thuiswerken. Ze worden te veel afgeleid, zijn minder productief en kunnen niet goed overleggen. De Corona-periode heeft vaak het tegendeel bewezen. De meeste mensen bleken prima in staat om werk en privé te combineren: hun privé-rollen werden afgewisseld met hun werk-rollen.

En daarin zit volgens mij een interessante observatie die Sarabeth Berk in deze TED-talk ook maakt: je haalt het beste uit jezelf (en voor bedrijven: uit je medewerkers) als je de rollen niet afwisselt, maar met elkaar mengt. De uitdaging is niet ‘werk-privé balans’ maar ‘werk-privé integratie’. Je vaardigheden uit je ‘privé-rollen’ kunnen een waardevolle aanvulling zijn voor je ‘werk-rollen’. Zoals Berk zegt in haar TED-talk: kaas, brood en salami zijn allemaal lekker, maar als je ze combineert tot een pizza, maak je er pas echt iets lekkers van. Zeker als je je ‘geheime ingrediënt’ (unieke talent) toevoegt, net zoals er pizzatenten bestaan die beroemd zijn om hun unieke pizza-combinaties. 

Zo ontstaat ook de hybride werker. Je mengt je capaciteiten en voegt misschien zelfs iets nieuws toe waardoor je je op jouw eigen unieke wijze meegaat in wat van je gevraagd wordt. Je past je moeiteloos aan veranderende situaties aan en je doet wat nodig is in plaats van wat gevraagd wordt. Kortom, met hybride werkers wordt het hybride werken pas echt een succes!